Ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing

Ondertoezichtstelling

ondertoezichtstelling
De ondertoezichtstelling (OTS) is een maatregel waarbij het gezag van ouders over hun kind(eren) wordt beperkt. Als de ontwikkeling van een kind bedreigd wordt, kan de kinderrechter een kind onder toezicht stellen en een gezinsvoogd benoemen, om het kind en het gezin te helpen de opvoedingssituatie te verbeteren. Het kind blijft wel gewoon thuis wonen.

Een verzoek om ondertoezichtstelling kan worden gedaan door een ouder, de Raad voor de Kinderbescherming, iemand anders die het kind behorende tot het gezin verzorgt en opvoedt of het Openbaar Ministerie.

In de procedure worden de ouders opgeroepen om aan de kinderrechter hun mening te geven over het verzoek. Een kind van 12 jaar of ouder zal ook door de rechter worden gehoord.

De maatregel wordt voor ten hoogste een jaar uitgesproken, maar kan wel verlengd worden, uiterlijk totdat het kind 18 jaar is. Hiervoor is dan wel steeds toetsing door de rechter noodzakelijk.

Uithuisplaatsing

Soms is het nodig dat een kind niet alleen onder toezicht wordt gesteld, maar ook uit de gezinssituatie thuis wordt gehaald. Het kind kan dan uit huis worden geplaatst , bijvoorbeeld in een pleeggezin of tehuis. De gezinsvoogd, de Raad voor de Kinderbescherming of het Openbaar Ministerie kunnen zo’n verzoek indienen bij de rechtbank.

Ook in deze procedure worden de ouders opgeroepen om hun mening over het verzoek te geven. Als er haast geboden is kan een kind met spoed uit huis geplaatst worden. Dan worden de ouders achteraf, binnen twee weken daarna, alsnog gehoord
Een machtiging uithuisplaatsing kan hooguit voor dezelfde duur als de ondertoezichtstelling worden gegeven, dus ook maximaal een jaar. Verlenging is mogelijk op verzoek na toetsing door de rechter uiterlijk totdat het kind 18 jaar is.

Jeugdwet

Sinds 1 januari 2015 is de Jeugdzorg ondergebracht bij de gemeenten.
De gemeenten hebben de regie over alle vormen van jeugdhulp voor kinderen, kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering. Doel is dat het jeugdzorgstelsel eenvoudiger wordt.

De Jeugdwet heeft 5 uitgangspunten:
– het inschakelen, herstellen en versterken van het probleemoplossend vermogen van kinderen en jongeren en hun ouders, met hulp van hun sociale netwerk;
– het bevorderen van de opvoedcapaciteiten van de ouders en de sociale omgeving (scholen, kinderopvang, peuterspeelzalen);
– preventie en vroegsignalering door zo snel en dichtbij mogelijk hulp te bieden met aandacht voor (kosten)effectiviteit van die hulp;
– integrale hulp op maat: een gezin, een plan, een regisseur;
– effectieve en efficiënte samenwerking van professionals rond gezinnen door vermindering van de regeldruk.
Jongeren met een beperking, stoornis of aandoening en hun ouders kunnen bij de gemeente terecht voor hulp en ondersteuning bij opgroei- en opvoedproblememen.

Lees hier meer.

Meer informatie?

Wilt u meer weten over dit onderwerp, stel uw vraag via het contactformulier.